15 februari is Werelddag tegen Kinderkanker. Ter gelegenheid daarvan publiceert KickCancer de resultaten van een onderzoek dat in samenwerking met de Belgische Vereniging voor Pediatrische Hematologie en Oncologie (BSPHO) is uitgevoerd onder Belgische pediatrische hematologen-oncologen. Het onderzoek stelt de volgende vraag: “Om het leven van kinderen met kanker te redden, moet men rekenen op de vrije tijd van artsen”. Een situatie die erg ongemakkelijk lijkt. Er moeten namelijk meer gespecialiseerde kinderartsen komen, er moet meer tijd vrijgemaakt worden en er moet structurele ondersteuning aan de teams worden geboden. Een overzicht van de belangrijkste punten uit het onderzoek.

{Persbericht van Kick Cancer}
Dit legt een ongemakkelijke realiteit bloot: innovatie in de zorg voor kinderen met kanker is in België structureel afhankelijk van persoonlijke opoffering. Meer dan 80% van de kinderoncologen doet onderzoek buiten de werkuren (42% 2 tot 5 uur, 29% 5 tot 10 uur, 14% zelfs meer dan 10 uur/week), bovenop een al zware klinische workload.
Vooruitgang bij levensbedreigende en zeldzame ziekten kan enkel via onderzoek
80 tot 90 % van de Belgische patiënten met kinderkanker wordt vanaf de diagnose behandeld in het kader van een academische klinische studie.
Deze klinische studies vormen vandaag de zorgstandaard: ze garanderen kinderen toegang tot de beste beschikbare behandelingen, gebaseerd op de huidige wetenschappelijke kennis. Omdat het protocol van een klinische studie elke stap van het behandelingstraject bepaalt en standaardiseert, dragen deze studies ook bij tot een verbetering van de kwaliteit van zorg.
Terwijl er 16 types kinderkanker bestaan, moeten Belgische kinderoncologen vandaag meer dan 50 academische behandelprotocollen beheersen en toepassen. Door hun grote complexiteit lukt dit niet binnen de beschikbare werktijd, en komt dit bovenop de vele uren waarin artsen rechtstreeks voor hun patiënten zorgen. Toch zijn deze klinische studies onmisbaar, want ze garanderen de voortdurende verbetering van behandelingen voor kinderen en jongeren met kanker.
→ Meer info over het onderzoek
“Wie kiest voor een job als kinderoncoloog weet dat er vele lange werkdagen volgen omwille van de veelheid aan ziektebeelden, de complexiteit van behandelschema’s, een hoop administratie en de noodzakelijke (inter)nationale samenwerking. We doen dit graag want goede zorg voor de patiënten is onze prioriteit. Maar het is geen fijn gevoel dat het werk nooit af is, dat taken en deadlines blijven komen, en dat opnemen van engagementen steeds ten koste gaat van vrije tijd. Hier bovenop nog investeren in wetenschappelijk onderzoek is eigenlijk niet haalbaar,” bevestigt Prof. Dr. Barbara De Moerloose, UZ Gent.
Hoge motivatie, maar structureel tekort aan tijd
De kinderoncologen zijn uitzonderlijk gedreven om hun patiënten vooruit te helpen, maar botsen op een structurele mismatch tussen ambitie en de realiteit op de werkvloer. Vooral door gebrek aan (beschermde) tijd voor onderzoek. Meer dan 65% zou de specialisatie in kinderoncologie aanbevelen aan toekomstige artsen, en 64% wil zelfs méér tijd aan onderzoek besteden. In theorie is gemiddeld 22% van hun werktijd voorzien voor wetenschappelijk onderzoek, maar in de praktijk wordt die tijd opgeslorpt door patiëntenzorg, wachtdiensten en administratie. Het gevolg: een groot deel van het onderzoek verschuift naar vrije tijd.
“Deze bevraging toont hoe sterk kinderoncologen zich inzetten en hoe fragiel het systeem vandaag is,” zegt Delphine Heenen van KickCancer. “We mogen niet aanvaarden dat innovatie afhangt van persoonlijke opofferingen. Als we kinderen met kanker beter willen genezen, met efficiëntere behandelingen en minder toxiciteit, dan moeten we de mensen die dat onderzoek dragen structureel tijd, ruimte en ondersteuning geven.”
Meer dan 40% van de respondenten besteedt 2 tot 5 uur per week van zijn of haar vrije tijd aan onderzoek. Bij ruim 30% gaat het om 5 tot 10 uur per week, en bij 14% zelfs meer dan 10 uur per week.
Een bijzonder complexe job: nood aan meer specialisatie
De oorzaak ligt dieper dan werkdruk alleen. Kinderoncologie is een van de meest complexe disciplines binnen de geneeskunde. Er bestaan meer dan 16 hoofdtypes en nog veel meer substypes van kinderkanker, elk met eigen behandelingen en onderzoeksnoden.
“Het gaat niet alleen over het aantal patiënten per arts,” klinkt het bij Pierre Mayeur van de BSPHO. “In de pediatrische oncologie is het absolute aantal patiënten lager dan bij volwassenen, maar de complexiteit is uitzonderlijk groot. Kleine teams van 3 tot 7 artsen worden vandaag geacht expert te zijn in álle hersentumoren, solide tumoren, leukemieën en lymfome, zowel bij diagnose als bij herval. Dat is moeilijk houdbaar.”
Dit onderstreept de nood aan grotere teams, meer samenwerking en verdere centralisatie van expertise, zodat kennis optimaal kan worden ingezet voor patiënten én onderzoek.
Wat werkt: goede praktijken uit het buitenland
Onderzoek naar kinderkanker gebeurt vrijwel altijd in internationale context. Belgische artsen zijn sterk betrokken in Europese studiegroepen en expertisenetwerken, en dit is noodzakelijk om voldoende patiënten te includeren en kennis te delen bij zeldzame kankers.
Binnen de bevraging werden ook diepte-interviews opgezet met kinderoncologen uit het buitenland. Die tonen dat alternatieven mogelijk zijn:
- In Nederland is tot 20% van de werktijd beschermd voor niet-klinische taken zoals onderzoek of het managen van interne projecten.
- In Frankrijk besteden meer ervaren specialisten minder tijd aan klinische zorg en wachtdiensten, wat ruimte creëert voor onderzoek.
- Frankrijk introduceerde ook de rol van “verpleegkundig specialist” (verpleegkundige met een bijkomende masteropleiding), wat artsen ontlast en de zorgkwaliteit verhoogt.
Een nieuwe beurs om deeltijds onderzoek mogelijk te maken
Uit deze studie blijkt de dringende nood aan beschermde werktijd, zodat meer kinderoncologen structureel onderzoek kunnen verrichten.
Daarom sloot KickCancer in 2025 een samenwerkingsovereenkomst met het Fonds Wetenschappelijk Onderzoek (FWO – voor Vlaanderen) en het Fonds National de la Recherche Scientifique (FNRS – voor de Franstalige onderzoekswereld). Samen bieden zij twee Belgische kinderoncologen de mogelijkheid om 50% van hun klinische werktijd vrij te maken voor onderzoek.
Dankzij deze beurs ontvangt het ziekenhuis van de geselecteerde arts een compensatie van 70.000 euro om een deeltijdse kinderoncoloog aan te werven die de klinische taken overneemt. Daarnaast ontvangen de laureaten tot 10.000 euro voor onderzoekskosten, zoals de financiering van internationale samenwerkingen (deelname aan congressen…) of laboratoriummateriaal.
De selectieprocedure loopt momenteel. De twee laureaten worden eind mei 2026 bekendgemaakt. In totaal investeert KickCancer 320.000 euro gespreid over een periode van twee jaar, met de mogelijkheid tot vier verlengingen (tot max. 10 jaar).
Nationaal Kankerplan: constructieve aanbevelingen met directe impact
KickCancer en BSPHO leveren gezamenlijke input voor het nationaal Kankerplan, dat momenteel in ontwikkeling is. Deze aanbevelingen hebben een directe impact op onderzoek en expertise in de pediatrische oncologie in België:
- Structurele financiering van academische klinische studies;
- Erkenning van een nationaal multidisciplinair oncologisch overleg (MOC) voor pediatrische oncologie;
- Duurzame federale financiering voor de coördinatie van de BSPHO.
Conclusie
“Wie wil dat kinderen met kanker betere behandelingen krijgen, kan niet blijven rekenen op vrijwillige overuren van artsen,” besluit KickCancer. “Dit is geen duurzaam model.”
- Oproep tot het indienen van projecten van het Belgian Kid’s Fund
- Kinderkanker: achtste editie van de liefdadigheidsloop RUN TO KICK
- RUN TO KICK: liefdadigheidsloop voor onderzoek naar kinderkanker
- Run to Kick: een solidariteitsloop tegen kinderkanker
- Kinderkanker: de vzw Samen, stap voor stap bestaat 20 jaar
- Kanker bij kinderen: nieuw groot psycho-oncologisch handboek in het Frans om de betrokken actoren te ondersteunen